De genoemde datums laten het moment van publicatie zien, 
De datum waarop de preek gehouden is ligt gewoonlijk een week later
2014 - 14de zondag door het jaar © Harrie Brouwers, Voerendaal
 
 
 
 
HART OF VERSTAND
 
 
 
'DIT...'
‘Ik dank U Vader’, verzuchtte Jezus eens, ‘dat U dit voor de weldenkende mensen verborgen hebt gehouden, en het aan alle eenvoudige lieden bekend hebt gemaakt!’ Een boeiende uitspraak! Ongeschoolden, analfabeten, digibeten, ongeletterden, zij begrijpen meer dan de geleerden. De arme weduwe is slimmer dan de farizeeër. Maar wát verstaan ze dan beter? Bij Mattheüs zegt Jezus alleen maar ‘dit’. ...Omdat ge ‘dit’ verborgen hebt voor wijzen en verstandigen... Matteüs is een nieuw hoofdstuk begonnen, en het is niet duidelijk waar ‘dit’ op slaat. ...In die tijd nam Jezus het woord: ‘Ik dank U Vader, dat ge dit verborgen hebt voor de verstandigen en onthuld hebt aan de eenvoudigen’... Wát dan?
Lukas heeft iets meer context. Daar gaat het over het geheim dat de namen van de leerlingen in de hemel staan opgeschreven. Dat betekent dus, dat zij bij de Eeuwige in aanzien staan; dat ze ertoe doen voor God. Dat geheim is voor de eenvoudigen duidelijk, maar de geleerden piekeren erover en het kan er bij hen niet in! Een slapend kind gaat ervan uit. Een schriftgeleerde durft er niet aan. Geleerdheid kan je in de weg staan als het om geloven gaat. Wie de scheikundige definitie van de meeldraden van een gele roos heeft ontleed, die heeft nog niet genoten van haar geur! Wie de genetische overeenkomsten met zijn dochter heeft geanalyseerd, die heeft haar nog niet lief!
 
BIDDEN OF DUIMEN
Ik denk dat veel moderne lezers de situatie herkennen. De studerende kinderen hebben het thuis nooit meer over God, of er moest een schandaal in de krant staan over een zelfmoordaanslag. Tussen ouders en kind word zelden gesproken over de wonderen tussen hemel en aarde die groter zijn dan we kunnen bedenken. Misschien mailt een moeder nog voor het tentamen: ‘ik zal een kaarsje voor je opsteken.’ De student is er blij mee, maar als zijn ouders op de uitslag van het ziekenhuis wachten, dan steekt hij geen kaarsje op! Hij belooft dat hij zal duimen, en dat is niet hetzelfde.
 
GELOOF OF WETENSCHAP
Het geloof in een lieve God, die onze namen heeft geschreven in het licht van de hemel, dat is in onze streken aan het verdwijnen. Gelovigen en wetenschappers hebben de afgelopen eeuwen veel gedebatteerd. Al ruziënd zijn de gelovigen hun eigen overtuiging steeds meer gaan zien als een concurrent van de wetenschap. Jonge mensen hebben nu het gevoel dat ze moeten kiezen tussen het geloof, als een soort primitieve wetenschap van bange mensen, en de moderne inzichten die zichzelf een absolute waarde toekennen. In die discussie wint de wetenschap het, want de zichtbare successen ervan zijn overduidelijk.
Het geloof is echter geen wetenschap. Het hoort helemaal niet tot het vakgebied van de wijzen en verstandigen - om  met Jezus te spreken. Het geloof is een cultuur, te vergelijken met muziek of sport, met een wandeling of een boeiend verhaal. Voordat het denken begint, voordat de redenering is begonnen, voordat de abstracties van de werkelijkheid zijn bepaald, was er de vraag: hoe voelt het leven zelf? Kun je je eigen bestaan ervaren als een geschenk? Durf je je eraan over te geven? Voelt het als een opdracht, als een verantwoordelijkheid? Wie daar ‘ja’ op zegt, of ‘af en toe’, of ‘soms’..., die gelooft. De geloofsdaad bestaat uit overgave, niet uit inzicht. In verhalen, feesten en liederen wordt het geheim van het leven bezongen en de opdracht ervan uitgedrukt. Dat heeft niets te maken met wetenschap. Wetenschap staat daar buiten, of het moest zijn dat je via de wetenschap geïmponeerd raakt door de schoonheid van de wereld en je verwondert over je vermogen om te kennen en te ontdekken... Of het moest zijn dat het geloof je aanspoort om de wetenschap in te zetten voor hongerende medemensen, en niet ten behoeve van de oorlog.
 
KENNIS EN OVERGAVE
Het leven bestaat niet uit een eindeloos aantal kopietjes van een atoommodel die geen God nodig hebben om rond te draaien, maar het leven is warm, ontroerend, duizelingwekkend. Het leven laat je zingen en dansen. Het verlangen naar een ander houdt je nachtenlang wakker en het gemis bederft je eetlust. Het leven kan ontroerend teder zijn en alle gedichten ter wereld hebben het nog niet onder woorden gebracht. Dat leven is je gegeven. Je wordt uitgenodigd om ervan te genieten en het te behoeden. Je stamelt ‘Dank je wel.’ ‘Dank U God, dat dit geheim verborgen blijft in de redeneringen van ons denken en dat ge het gelegd hebt in een egeltje dat ‘s avonds over het gazon kruipt, in een kindje dat zijn handje uitstrekt om opgetild te worden, en in de zwaluwen die de zomerlucht tot leven brengen.
 
'DOMMIE'
Lieve kinderen. Toen Meggy kwam thuis kwam ging ze meteen op zoek naar pappa. ‘Pappa, pappa!’ ‘Dag lieverd, toch niks ernstigs?’ Pappa had op zijn werk de hele dag al gewichtige gesprekken moeten voeren. ‘Je loopt buiten’, viel Meggy met de deur in huis. ‘je hebt geen paraplu  en geen pet op en ook geen dak boven je hoofd en toch word je niet nat, hoe kan dat?’ ‘Loop ik op mijn handen...?’ probeerde pappa. ‘Nee, ik zou het niet weten!’ ‘Nou gewoon, het regent niet!’ Meggy schaterde het uit. ‘Domme pappa!’ Pappa lachtte. Hij genoot van de gesprekken met zijn dochter. Hij vond het leuk als Meggy ‘domme pappa’ zei. Het leek wel of ze dan nog meer van hem hield. ‘Maar waarom zou ik dan geen paraplu bij me hebben...?’ Opnieuw schaterde Meggy het uit. ‘Omdat het niet regent, dommie!’ Ze liep naar pappa toe en duwde tegen zijn benen. Pappa tilde haar omhoog en liep naar de keuken. Snel draaide hij de kraan open, hield zijn vinger onder de straal en ze werden allebei kletsnat, dom en gelukkig.
 
 

  MENU


   
BEZOEK
vandaag40
gister56
deze maand4102
totaal813341