De genoemde datums laten het moment van publicatie zien, 
De datum waarop de preek gehouden is ligt gewoonlijk een week later
20221 - 28ste zondag door het jaar © Harrie Brouwers, Voerendaal







TEVEEL GEVRAAGD!?



LOSLATEN

Om het een beetje populair te zeggen: Jezus loopt vandaag in het evangelie een blauwtje! 
Altijd als Jezus iemand vraagt om hem te volgen, dan wordt daar onmiddellijk gehoor aan gegeven. De zonen van Zebedeus bijvoorbeeld laten per direct hun oude vader alleen bij de vissersnetten achter. Petrus en Andreas volgen Jezus gretig. Philippus en Natanaël hebben er meteen zin in. Levi komt er graag bij. Alle anderen ook Alleen in het evangelie van vandaag krijgt Jezus een ‘nee!’ te horen als hij iemand vraagt hem te volgen. Een rijke jongeman heeft te veel bezittingen; hij kan niet met hem meegaan. Rijkdommen verhinderen hem om mee te gaan – hoe graag hij ook zou willen. Bedroefd druipt hij af. Daarop zegt Jezus: ‘Wat is het moeilijk om het koninkrijk van God binnen te gaan, zeker als je rijk bent. Een kameel kruipt nog makkelijker door het oog van een naald....’
Wij zijn geneigd deze uitleg te verstaan vanuit onze vertrouwde religieuze voorstellingen. We verstaan de uitspraak van Jezus dan, alsof hij gezegd had: ‘je komt alleen maar in de hemel, als je alles hebt uitgedeeld aan de armen.’ We vatten het op als een morele opdracht, als een filter voor de eeuwigheid. We horen een gebod dat we eigenlijk zouden moeten volgen, en dat brengt ons in verlegenheid – net zoals de jongen die door Jezus werd uitgenodigd om mee te gaan.

GELUKKIG WORD JE NIET VAN DINGEN
Jezus heeft het echter niet over ‘de hemel’. Hij zegt: ‘wat is het moeilijk om het koninkrijk van God binnen te gaan.’ Dat wil zeggen: wat is het moeilijk om deel te krijgen aan het ware leven; wat is het toch lastig om je diepste zelf te vinden. Het ware geluk en je uiteindelijke bestemming zul je nooit ontdekken bij het vergaren van steeds meer grote of kleine hebbedingen. 
Wisten we dat niet al uit eigen ervaring?
In de jaren sinds de tweede wereldoorlog is ons leven steeds rijker werd. Ouderen hebben dat aan den lijve ervaren. Herinnert u zich bijvoorbeeld nog die kladblokken van vroeger? Je kocht ze voor enkele dubbeltjes bij de Hema. Het papier was ongelinieerd en ongebleekt, met hier en daar een soort gele houtsplinter waaraan de kroontjespen bleef hangen. De inkt vloeide er wat op uit. Aan de bovenkant werden de blaadjes door een keverige band samengehouden. We mochten de velletjes gebruiken om te tekenen en te schrijven – alles werd eerst ‘in het klad’ gedaan –, maar een nieuw blaadje kwam er pas, als het oude aan vóór en áchterkant vol was. We vonden dat bijzonder onplezierig en de zuinigheid van mijn ouders veel te overdreven. Tegenwoordig koop ik dozen papier met vijf verpakkingen van 500 vel tegelijk. Heel wat velletjes verdwijnen bij het oud papier omdat de printer er drie tegelijk meesleurde. Ik heb veel meer en van veel betere kwaliteit dan toentertijd. Dat is erg handig, maar ik ben er niets gelukkiger door, voel eerder een beetje spijt als ik een nog voor geen kwart volgeschreven blaadje bij de oude kranten leg. De vooruitgang is dus handig, maar ze heeft niets met geluk te maken.
Als kind experimenteerden we graag met stroom. Wat was mooier dan een zaklamp met drie kleuren licht onder het laken van je bed te laten schijnen? Maar de Witte Kat batterijen waren duur. Duur en heel snel leeg! En transformator gaf geen gelijkstroom en bromde vooral. Nu laad ik de accu van mijn fiets moeiteloos aan het stopcontact op, en die duwt me heel wat bergjes omhoog. Ik krijg niet uitgerekend hoeveel Witte Kat batterijen ik daar voor nodig had gehad! Het is tegenwoordig erg makkelijk en handig, maar gelukkiger heeft het me niet gemaakt. Bezittingen waar je naar verlangt kunnen je niet gelukkig maken. Immers, zo gauw je ze hebt, richt je verlangen zich al op het volgende project. Oma waarschuwde daar al voor met de wat oubollige spreuk: ‘het bezit van de zaak, is het eind van het vermaak.’

SPANNEND
Het evangelie van vandaag zegt niet: je moet de armen rijk bedelen, anders kom je niet in de hemel. Natuurlijk vraagt Jezus dat ook. Maar hier gaat het om iets anders, namelijk om de vraag: ‘hoe word je echt gelukkig?’ Hoe bereik je het goddelijk niveau van je bestaan? Dat vind je niet in steeds meer sparen, hoe leuk dat ook is. Rijkdommen vergaren is eerder een verslaving, een zoeken naar veiligheid. Het geluk vind je heel ergens anders. Doe eens gek! Geef je bezittingen weg en ga mee op avontuur. Word deelgenoot aan de lotgevallen van ‘n ander.
Als Petrus er een beetje trots op wijst: wij hebben inderdaad alles opgegeven voor Gods koninkrijk, dan zegt Jezus: inderdaad, en kijk..., je hebt meer ontvangen dan weggegeven. 
Het is een spannende uitspraak. Een echte uitdaging. De leerlingen vragen bijna wanhopig: maar hoe kan iemand dan God nog bereiken? Daarop spreekt Jezus ‘n verlossend woord: ‘dat kun je ook niet..., je kunt God niet bereiken, maar God zal jou vinden.

PADDESTOELEN
Lieve kinderen. Heb je wel eens een heksenkring gezien? Nu zie ik je ongelovig kijken. Bestaan heksenkringen? Ja zeker. Heksenkringen bestaan. Je kunt ze in de herfst of in een vochtige zomer soms vinden op een open plek in het bos of in het gazon. Het is een ronde cirkel van paddestoelen. Het is net, alsof iemand ze in een rondje heeft gezaaid. Vroeger dachten ze dat er ‘s nachts heksen in ‘n kringetje hadden gedanst. Nu weten we hoe dat komt. Paddestoelen zijn geen losse dingetjes. Ze zijn een soort bloemen met zaadjes. Met hele dunne draden zijn ze onder de grond met elkaar verbonden. Elke paddestoel van de kring is een del van één grote schimmel. 
Zo is het ook met mensen. We lijken allemaal losse mensen met een eigen jas en een eigen mobieltje, maar we zijn diep onder de zichtbare wereld verbonden met God die Liefde is.



 

  MENU


   
BEZOEK
vandaag47
gister50
deze maand2526
totaal774703